Gevaarherkenning bij de autorijles

Gevaarherkenning is een essentieel onderdeel van de rijtaak. Er zijn duidelijke aanwijzingen dat onvoldoende vaardigheid in gevaarherkenning een belangrijke rol speelt in het ontstaan van ongevallen, met name ongevallen waarbij beginnende bestuurders betrokken zijn. Goede gevaarherkenning houdt niet alleen in dat je het gevaar tijdig opmerkt en herkent, maar ook de ernst van het (mogelijk) gevaar goed inschat en weet wat je moet doen om het gevaar af te wenden. Daarbij is niet alleen verkeersinzicht, maar ook zelfinzicht van belang.

Verschillende vormen gevaarherkenning

Aanpassen van de kijkstrategie aan de omgeving waarin men rijdt
Past men bijvoorbeeld de kijkstrategie aan (vaker naar links en naar rechts kijken) wanneer men de bebouwde kom inrijdt? Beginnende automobilisten lijken hun kijkgedrag veel minder aan te passen aan de omgeving dan ervaren bestuurders.

In het oog houden van andere verkeersdeelnemers die zich, gezien de omstandigheden, onveilig zouden kunnen gaan gedragen
Een voorbeeld is een voetganger die op het trottoir loopt terwijl aan de overkant van de straat een bus stopt bij een bushalte. Een bestuurder die deze situatie waarneemt, moet kunnen bedenken dat de voetganger wel eens plotseling de straat over zou kunnen steken om zijn bus nog te halen. Uit onderzoek is gebleken dat onervaren bestuurders minder vaak andere verkeersdeelnemers in het oog houden die zich gevaarlijk zouden kunnen gedragen dan ervaren bestuurders.

Zoeken naar verborgen gevaren

Kijken bestuurders in richtingen waar niet bijzonders te zien valt, maar waar vandaan plotseling verkeer kan opdoemen? Het gaat dan om het kijken in de richting waar een mogelijke verkeersdeelnemer voor het eerst zal kunnen worden gezien wanneer deze ergens achter vandaan komt. Het zicht op die mogelijke verkeersdeelnemer is dan geblokkeerd door struiken, geparkeerde auto’s, huizen of grote voertuigen zoals vrachtauto’s en dergelijke. Ongevallen die hierdoor ontstaan worden afdekongevallen genoemd. Ook het al eerder genoemde kind dat niet zichtbaar is, maar er zou kunnen zijn en dat tussen geparkeerde auto’s door de straat zou kunnen oversteken, is een voorbeeld van een verborgen gevaar. Automobilisten, ongeacht hun ervaringsniveau hebben meer moeite met het herkennen van verborgen gevaren dan met het herkennen van zichtbare andere verkeersdeelnemers die zich gevaarlijk zouden kunnen gaan gedragen. Maar beginnende bestuurders in het bijzonder hebben veel moeite met het herkennen van verborgen gevaren.

Overzien van de hele verkeerssituatie

Dit betekent dat men alle potentiële gevaren in een verkeerssituatie weet op te merken en vervolgens de meeste aandacht richt op het grootste potentiële gevaar. Het gaat hierbij over het kunnen verdelen en focussen van de aandacht. Het gaat bij deze vaardigheid in zekere zin om de mogelijke gevaren op een juiste wijze -naar mogelijke ernst- in te schatten.

Het kunnen ‘lezen’ van de voorbodes van naderend gevaar

In het meeste simpele geval gaat het om het opmerken van waarschuwingsborden. Een voorbeeld van een complexere situatie is dat gedrag van verkeersdeelnemers op afstand gevolgen heeft voor verkeersdeelnemers die dichtbij zijn. Als je bijvoorbeeld in de verte remlichten ziet oplichten, zal over niet al te lange tijd de auto die direct voor je rijdt, ook gaan remmen.

Het ontdekken en onderkennen van signalen van verminderde controle

Hierbij gaat het om signalen vanuit de omgeving (bijvoorbeeld een scherpe bocht die men nadert of tekenen op de weg die op gladheid duiden), maar ook om signalen van binnenuit (bijvoorbeeld het gevoel dat men vermoeid begint te raken of dat men zijn aandacht niet meer bij het verkeer heeft. Wat is het verband tussen leeftijd, ervaring en gevaarherkenning?

Bron
SWOV – gevaarherkenning en het testen ervan 2014

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.