Inzichtelijke Praktijkinstructie – Deel 2

Een andere kijk op het geven van autorijles

(auteur Jan Voerman)
In de eerste aflevering gaf ik een inleiding op deze serie artikelen over Inzichtelijke Praktijkinstructie, een geheel andere aanpak die in de loop van haar 20-jarige ontwikkeling en beproeving in de alledaagse praktijk uiterst effectief bleek te zijn. Zowel in termen van een prettiger en efficiënter dus voor de leerling minder dure rijopleiding, als in termen van het bijbrengen van een lerende houding waarmee de kersverse rijbewijsbezitter zich veel beter en veiliger tot een werkelijk goede bestuurder ontwikkelen kan.

Selectief zoekend kijken
In de eerste aflevering beschreef ik hoe u zelf als zeer ervaren bestuurder ergens in Frankrijk rond de spits per ongeluk een stad inrijdt, in plaats van eromheen, en welke selectieve kijkactiviteit u ogenblikkelijk begint te ontplooien om volcontinu te kunnen beoordelen of u uw huidige snelheid en/of rijlijn zult handhaven, dat wil zeggen die past bij de situatie verderop, en bij de keuze die u daar qua te rijden route wilt maken. Dat kijken begint u ogenblikkelijk heel actief te doen in deze voor u onbekende en moeilijk te overziene omgeving (‘alle hens aan dek’): niet ‘met een leeg hoofd’, maar ‘met concrete vragen aan uzelf’, bewust en selectief op zoek naar factoren die bepalend zullen zijn voor uw snelheid en uw rijlijn.

Onder die factoren valt óók de mogelijkheid dat u iets veranderen moet aan uw snelheid of rijlijn in het kader van een voorrangsverplichting, om maar wat te noemen. Die ‘projectie van uw huidige snelheid en rijlijn op de situatie en ontwikkelingen verderop’ is dus heel erg omvattend, besef dat wel!

Wij-bewustzijn
U kent die factoren op een duimpje, als ervaren bestuurder, zij zitten ingebakken in uw systeem, en u bent geen tijd kwijt om te bedenken welke dat zijn, waarnaar u op zoek moet gaan in die jungle van visuele indrukken. Bovendien heeft u het voortdurende besef dat u een eventuele verandering van uw snelheid en/of rijlijn beter niet abrupt en daarom onverwacht voor anderen kunt uitvoeren, gezien de consequenties die dat voor die mogelijk aanwezige anderen achter u of naast u kan hebben: het ‘wij-bewustzijn’ zoals ik dat ooit wel noemde, in mijn rapport “Revolutie Wenselijk” (1989). In uw systeem zit ook dát ingebakken, om uw aandacht te kunnen verdelen, vlot af te wisselen tussen verschillende belangrijke deelopgaven, uzelf integraal deel wetend van een groter geheel overal om u heen.

Maar hoe anders blijkt dat allemaal te zijn bij leerlingen in opleiding voor het rijbewijs, en hoe gebrekkig blijkt dat vaak te zijn bij rijbewijsbezitters met gebrek aan zelfvertrouwen of met regelrechte primaire rijangst.

Leerling en Kerntaken
Zodra onze leerling tijdens zijn eerste rijles achter het stuur de auto in beweging zet, heeft hij zelfs op een eenvoudige plek al gelijk te maken met de hierboven genoemde kerntaken in het visuele informatie management van het autorijden: zijn huidige snelheid (kerntaak 1) en zijn huidige rijlijn (kerntaak 2) in relatie tot (‘geprojecteerd op’) de situatie verderop. Maar ook doet ogenblikkelijk en volcontinu kerntaak nummer 3 zich gelden in zijn visueel informatie management: de auto op koers te houden. In ieder geval niet de stoep op, of over de wegas heen, en niet de bocht uitvliegen. En hoewel ik deze kerntaak nummertje drie gaf, wil ik daarmee niet zeggen dat deze pas op de derde plaats komt qua belangrijkheid. Het is voor een beginner zelfs de meest bewust beleefde kerntaak, zoals iedere vakman-rij-instructeur dagelijks ervaart.

Evenmin wil nummertje 4 voor de kerntaak van de bediening van het voertuig suggereren dat ik dit als een minder belangrijke vaardigheid beschouw. Ook hier dringt deze kerntaak zich aan de nieuwe leerling al gauw in volle omvang op: zelfs als de instructeur nog eventjes het schakelwerk voor hem verrichten zou, is het voor velen al een hele klus óók nog snel een goed gevoel te krijgen over het effect van het gaspedaal, de rem en het stuur, voeling te krijgen met wat de auto daar allemaal mee doet, en dus een eerste gevoel van controle.

Kernonderwerpen bij de rij-instructie

Ook deze aflevering 2 moet u als het ware nog steeds als een inleiding zien op deze serie. Het gaat er hier nu eerst om, u duidelijk te laten beseffen wat er daadwerkelijk speelt achter het stuur, voordat ik u met succes kan vertellen hoe je dit je klant het beste kunt presenteren en leren. Dat zal ik per kerntaak allemaal haarfijn proberen voor het voetlicht te brengen. Maar er komt in Inzichtelijke Praktijkinstructie nog veel meer aan de orde dan de genoemde kerntaken van het autorijden. Ik noem het voor het gemak maar ‘kernonderwerpen van het rijden’.

De kernonderwerpen zijn de volgende:

1. Kijkstijl
Hieronder wil ik de wijze van kijken, de intensiteit, en de mate van gerichtheid/aandacht verstaan, waarop je jouw kijkactiviteit inricht. Aangezien je ogen de input moeten verzorgen voor het visuele informatie management, is kijkstijl met recht een kernonderwerp.

2. Rijstijl
Hieronder wil ik in eenvoudige bewoording verstaan, hoe je de fysieke kant van het rijden inricht. Het gaat dan bijvoorbeeld om afstand houden, de wijze van optrekken en afremmen en de wijze van het verleggen van je rijlijn, daaronder ook te verstaan strookwisseling.

3. Verkeersregels
Communicatie en Coöperatie in het verkeer. En hoewel u natuurlijk vlot begrijpend over deze drie issues heen leest, zult u verderop in deze serie meemaken wat een onvermoede praktisch bruikbare eye-openers Inzichtelijke Praktijkinstructie nog in petto heeft.

Niets nieuws
Na deze uitgebreide inleiding de hoogste tijd om nu heel concreet te worden. Te beginnen met de koerskijktechniek zoals ik die al vanaf eind jaren tachtig ontwikkelde, en de recente toevoeging van de meer aansprekende term routescan. De eerste term spreekt het meest aan bij bochten, de tweede in meer algemene situaties.

Koerskijktechniek en routescan behelzen gestructureerde gerichte aandachtige kijktechnieken, die de leerling al in de beginfase van de rijopleiding helpen zijn visuele actieradius aanzienlijk te vergroten met alle aanverwante voordelen van dien, en die veel rijbewijsbezitters zeggen als een openbaring te ervaren. Ze ontdekken hiermee een geheel andere kijktechniek en een compleet andere denkwereld als basis van het autorijden.
Het zijn de woorden van soortgelijke strekking, door veel van mijn klanten spontaan geuit.
Ik heb het dan over meer en minder ervaren rijbewijsbezitters en leerlingen die elders zijn vastgelopen.

Desondanks herkende een paar jaar geleden een niet nader bij naam te noemen goed ingewijde persoon in de rij-instructie – en ik vrees geldt dat ook voor een aantal rij-instructeurs – na een uitgebreide uitleg over het hoe en waarom, nog steeds niet dat die koerskijktechniek en routescan volgens Inzichtelijke Praktijkinstructie iets nieuws zouden zijn: eigenlijk deed Voerman niets anders en niets nieuws.

Alle rij-instructeurs zeggen hun leerlingen toch regelmatig dat ze verder vooruit moeten kijken?! Deze reactie geeft duidelijk aan dat deze persoon de essentie ontgaat van goede instructie (en bovendien een attitude heeft van “Niemand kan mij wat vertellen, ik weet alles al, en wel het beste.”): dat wil zeggen zodanige instructie dat de leerling niet alleen maar voldoende scoort in het tijdelijk vertonen van gedrag dat de instructeur hem voorschrijft en de examinator zou kunnen verleiden tot een positief oordeel, maar dat tot gedrag leidt dat de leerling ook ná het verkrijgen van het rijbewijs vrijwillig blijft continueren. Omdat hij begrijpt en voelt hoe het werkt. Wederom verwijs ik nog een keer naar de in aflevering 1 eerder genoemde wijze woorden op de website van gedragskundige Lauk Woltring: www.laukwoltring.nl

Begrijpen en voordeel ervaren
Ik maak echt dagelijks klanten mee, of ze nu onlangs het rijbewijs hebben gehaald of al jaren geleden, die het bewijs leveren nooit begrepen te hebben wat de instructeur nou precies verstond onder de opdracht verder weg kijken of bijvoorbeeld beter in de buitenspiegel kijken, laat staan dat ze er de voordelen van ervaarden. Al die instructeurs schenen maar niet te beseffen, dat wat voor henzelf als ervaren bestuurder volstrekt duidelijk is qua bedoeling en qua positieve impact, dat voor de leerling meestal in het geheel niet is. En dan maar klagen dat die leerlingen niet willen kijken!

Ten eerste blijkt het ver weg zoals de leerling het begrepen had vaak lang niet zo ver weg te zijn als de instructeur in gedachten zal hebben gehad. Ten tweede bleek de leerling geen enkel concreet idee te hebben wat hij daar zo ver weg aan zou kunnen beleven, zodanig dat hij er ook echt al wat aan zou hebben. Geen idee waarnaar hij daar verderweg specifiek zou kunnen uitkijken, geen idee wat hij daarbij zou kunnen bedenken of beleven. Dat nodigde bepaald niet uit tot loyaal opvolgen van die zóveelste wens van de instructeur. Integendeel, die blikken verderweg gaven hem het gevoel nog minder controle te krijgen over wat er hier en nu – in het dichtbijgebied – naar zijn gevoel allemaal te bestieren valt.

Kortom, om iemand op een prettige wijze tot een duurzaam gedragsrepertoire te krijgen, waarbij hij bovendien in staat zal zijn zichzelf daarin ook later kritisch te blijven beoordelen en dus te blijven leren, is het noodzakelijk dat de leerling of klant:

  1. In theorie voorlichting krijgt over de ins en outs, inclusief hoe en waarom het voor hem werkt.
  2. In de praktijk hierop gericht gecoached wordt en getraind, niet alleen om de kale vaardigheid, maar óók om dit te ervaren.

Hij moet dus ervaren dat het hem wat oplevert. En daarmee bedoel ik dus niet de beloning in de vorm van de goedkeuring van instructeur en examinator, want die zijn er straks niet meer bij. Maar wél de beloning in de vorm van het véél betere overzicht, van véél eerder begrijpen, van minder vaak foutieve interpretaties, van véél meer tijd hebben en véél minder stress, van méér vrijheid te houden in de keuzes die je in het verkeer maakt in je eigen en andermans voordeel. En ja, natuurlijk dus ook voor optimale veiligheid voor jezelf en de anderen om je heen. Zó beoefen je het rijden als het ware als een heus vak, als een leuke uitdaging in plaats van angstig of juist met stoer gedrag.

Dit is de filosofie die als basis dient voor Inzichtelijke Praktijkinstructie.

Dus die koerskijktechniek en routescan, en de wijze waarop dat naar de leerling of klant toe gebracht wordt, is een geheel andere aanpak! Waarvan akte, zou ik zeggen tegen die persoon die dacht dat Jan Voerman niets anders dan de al bekende paden te bieden heeft.

Zoals ik al eerder opmerkte heb ik serieuze bezwaren tegen de scan die onderdeel is van de RIS. Eén van die bezwaren is gelegen in hetgeen hierboven is beschreven. Nog los van belangrijke inhoudelijke bezwaren tegen de scan in de RIS, is een bezwaar dat de scan een opgedrongen wijze van kijken is in plaats van een ‘tool’ welke conform de hierboven genoemde voorwaarden 1 en 2 aangeboden wordt. Ook al zegt de instructeur dat het hiervoor of daarvoor nuttig is, dan nog zit daarin nog geen enkel begrip besloten over hoe het werkt en waarom het op die manier werkt. En het werkt gewoon niet, alleen maar omdat de instructeur zegt dat het werkt. Dat is de essentie.

Na deze inleiding zal ik in aflevering 3 starten met de concrete behandeling van de kerntaken en kernonderwerpen in de alledaagse praktijk, te beginnen met de koerskijktechniek en routescan. Zaken, waarmee u desgewenst al aan de slag kunt gaan, ook al laat de beschrijving van de complete opbouw van de rijopleiding volgens Inzichtelijke Praktijkinstructie nog even op zich wachten.

Bron
Jan Voerman

Voor informatie of contact: www.femrijopleiding.info

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.