Auto-Theorie-examen Aanvullingen

Aanvullingen theorie examen

Vanaf 1 juli 2008 zijn er een aantal nieuwe thema’s in het theorie-examen doorgevoerd. Hierbij de aanvullingen voor het examen categorie B. Voor aanvullingen die per 1 januari 2009 ingaan, wordt dit vóór het onderwerp vermeld.

2009 – Onderwerp A = Algemene bepalingen verkeerswetgeving
Hoe lang kan een rijverbod opgelegd worden wegens het gebruik van alcohol
Maximale (onbepaalde) tijdsduur

Wat zijn de consequenties van een rijverbod wegens het gebruik van alcohol
Verbod tot het besturen van voertuigen

Onderwerp D: (techniek, controle en onderhoud van voertuigen)

Geldigheidsduur en tijdstip van de APK keuring.

Je moet weten: tijdstip, geldigheid, zowel voor motorvoertuigen met benzinemotor als dieselmotor.

2009 – Onderwerp D = Techniek, onderhoud en controle van voertuigen
Wat is het doel van ventieldopjes
Het tegengaan van stof en vuil

Wat is de meest voor de hand liggende oorzaak van het sneller knipperen van de richtingaanwijzer
Een defect

2009 – Onderwerp E = Gebruik gordels en helmen; zitplaatsen passagiers
Wanneer is een hoofdsteun goed afgesteld
Visuele herkenning onjuist afgestelde hoofdsteun(en)

2009 – Onderwerp F = Milieubewust en energiezuinig rijden
Wat kan het brandstofverbruik aanmerkelijk verhogen
Airco; constante snelheid versus wisselende snelheid

Welke voorziening verbruikt de meeste energie
Airco versus achterruitverwarming en verwarming van de buitenspiegels

2009 – Onderwerp G = Risico’s in verband met toestand bestuurder
Waarom zijn jonge, beginnende bestuurders vaker bij een ongeval betrokken dan ervaren bestuurders
Overschatten van eigen vaardigheden; onderschatten van de verkeersrisico’s

Waar moet je extra rekening mee houden als je vermoeid bent en toch gaat rijden
Vermindering van het waarnemingsvermogen

Hoeveel procent van de verkeersongevallen is het gevolg van vermoeidheid
Percentage: 15%

Wat zijn de gevolgen van het gebruik van medicijnen in combinatie met het gebruik van alcohol
Vermindering van het reactievermogen

Waar moet extra rekening mee worden gehouden indien men passagiers vervoert
Afleidende factoren

Wat kunnen de gevolgen zijn van het roken van een joint
Beïnvloeding van de rijvaardigheid

Onderwerp H: (risico’s i.v.m. eigenschappen en toestand eigen voertuig)

Het kunnen herkennen van de zogenaamde dode hoek.

Je moet weten: schematisch bovenaanzicht van een personenauto (met of zonder aanhangwagen), motorfiets of autobus waarop onder andere de dode hoek is weergegeven.

2009 – Onderwerp H = Risico’s in verband met eigenschappen en toestand eigen voertuig
Wanneer heeft een band de juiste spanning voor een goede wegligging
Visuele herkenning juiste bandenspanning; te hoge bandenspanning; te lage bandenspanning

Onderwerp J: (risico’s i.v.m. aanwezigheid en gedrag ander verkeer)

Wat te doen bij het naderen van twee achter elkaar stilstaande autobussen waar passagiers instappen.

Je moet weten: snelheidsregeling.

Wat te doen wanneer men met hoge snelheid met de rechterwielen in een zachte berm terecht komt.

Je moet weten: gas loslaten; remmmen; sturen.

2009 – Onderwerp J = Risico’s in verband met aanwezigheid en gedrag ander verkeer
In welke stand voorkomen de voorwielen extra risico’s bij een kop- staartbotsing
Wielen rechtuit; wielen naar rechts; wielen naar links

Wat is de belangrijkste oorzaak van verkeersongevallen
Mens; weg; voertuig

In hoeveel procent van de ongevallen ligt de oorzaak bij de mens
Percentage: 90%

Onderwerp K: (risico’s i.v.m. weg-, zicht- en weersomstandigheden)

Inzicht in risico’s van wegen.

Je moet weten: ‘N-weg’ versus autosnelweg.

2009 – Onderwerp K = Risico’s in verband met weg-, zicht- en weersomstandigheden
Waar moet je rekening mee houden als het begint te sneeuwen
Verlenging van de remweg

Wat te doen indien het begint te sneeuwen
Snelheid verminderen en rijgedrag aanpassen

Welke weggedeelten worden het eerste glad als het gaat vriezen
Benoemen weggedeelte (bruggen, viaducten etc.)

Onderwerp L: (handelen bij ongevallen en pech onderweg)

Het kiezen van een veilige plaats voor het neerzetten van een defect voertuig op een autosnelweg.

Je moet weten: vluchtstrook, berm.

Gebruik van de veiligheidshamer als hulpmiddel bij het ontsnappen van het voertuig.

Je moet weten: kiezen waar een ruit het  beste kan worden ‘ ingeslagen’.

Wat te doen bij het krijgen van een lekke band op een autosnelweg.

Je moet weten: remgedrag, gas loslaten, sturen.

2009 – Onderwerp L = Handelen bij ongevallen en pech onderweg
Wat te doen als een verkeersslachtoffer bewusteloos en rustig ademend op de grond ligt
Slachtoffer laten liggen en hulpdiensten alarmeren

Gevaarherkenning

Per 1 Maart 2009 tellen de vragen over gevaarherkenning mee voor de examenuitslag. Het nieuwe theorie-examen ziet er dan als volgt uit:

Gevaarherkenning: 25 vragen
Regelgeving: 30 vragen
Inzichtvragen: 10 vragen

Bronnen en / of referenties:
Pré-B Autorij-instructie / Reflector

20 gedachten over “Auto-Theorie-examen Aanvullingen”

    1. Beste Sjanien,

      Ik begrijp je vraag niet, maar probeer je voor te stellen welk gedeelte van de weg je wel en welk deel je niet in je binnen- en linkerbuitenspiegel ziet. Het weggedeelte dat buiten het blikveld van je spiegels valt is je dode hoek.

      Mvg – Sjaak

  1. Beste Raja,

    Met de meeste nieuwe boeken en CD-roms moet je aardig uit de voeten kunnen. Kijk dan wel of je het meest recente exemplaar hebt. Aanvullingen zijn eventueel prima te volgen via de theoriecursus bij de / een rijschool.

    Mvg – Sjaak

  2. Beste Sabrina,

    Er zijn vele uitgevers van leermidddelen, maar de bekendste zijn misschien wel:

    Verjo – VekaBest – ANWB

    Succes

    Mvg – Sjaak

  3. Beste Ahlen,

    Banden:
    In tegelstelling tot wat vaak gedacht wordt hebben smallere banden minder last van aquaplanning. Het oppervlak dat ‘gedragen’ wordt door het water is minder groot. Uiteindelijk snijdt b.v. een fietsband makkelijker door het water dan een brede band. Bij bredere banden wordt dit zo veel mogelijk gecompenseerd door het profiel op de band.

    Spanning:
    De juiste door de fabrikant aangegeven spanning; niet te hard, niet te zacht. Plusminis 2,1 bar, mede afhankelijk van het voertuig, de belasting en de omstandigheden.
    Visuele herkenning: vergelijk het met een fiets; dan zie je ook of de banden een te lage spanning hebben. Kijk bij de auto of de band niet te plat is, en de wangen van de band niet te bol. Vaak betreft het maar één band en zie je dit in vergelijking tot de andere banden.
    Globaal: te hard – loopvlak raakt wegdek niet volledig.
    Globaal: te zacht – wangen van de band zijn breder dan het loopvlak.

    Wielen kop- staart:
    Durf ik geen eenduidig antwoord op te geven zonder dat de vraag nader wordt toegelicht, of verduidelijkt met een situatieoverzicht ? Het wordt mijn inziens altijd bepaald door je kijkgedrag, gedrag van anderen en de oplettendheid en de uitwijkruimte die je rondom de auto hebt.
    Bijvoorbeeld:
    Wielen links is zelden een optie, omdat je dan op de weghelft van tegenliggers komt, of op de rijstrook links van je (autosnelweg).
    Binnen de bebouwde kom -bij relatief lage snelheden- zou ik zeggen ‘laat maar gebeuren’, omdat je dan meestal geen uitwijkmogelijkheden hebt zonder gevaar te vormen voor het overige verkeer. (inclusief voetgangers rechts van je). Dus wielen recht.
    Meeste 80 en 100km. wegen: wielen recht, want bomen en tegenliggers ??
    Autosnelweg: rijdend op de rechter rijstrook: de vluchtstrook. Anders: afhankelijk van de verkeerssituatie. Dus: in principe wielen rechts.
    Je vaag: Is dit per situatie verschillend? Ja dus.

    Stroomwegen etc.: zie de link
    http://www.autorij-instructie.nl/?p=492

    Succes

    Mvg – Sjaak

  4. Beste Sjaak,

    Bedankt voor de uitleg!

    -Wat betreft ongelukken op de weg d.m.v. aquaplanning. Welke banden hebben een relatief hoger risico op aquaplanning? (smal, normaal of breed).

    – Bovenaan is ook te lezen :
    Wanneer heeft een band de juiste spanning voor een goede wegligging
    Visuele herkenning juiste bandenspanning; te hoge bandenspanning; te lage bandenspanning

    Ik kan dit niet in mijn boeken terugvinden?

    -Wat is het juiste antwoord bij het volgende?
    In welke stand voorkomen de voorwielen extra risico’s bij een kop- staartbotsing
    Wielen rechtuit; wielen naar rechts; wielen naar links

    Is dit per situatie verschillend?

    – Als laatste vroeg ik me af of je misschien een link voor me hebt waar verschillende soorten wegen zijn uieengezet. Bij een aantal oefenvragen wordt er gevraagd naar snelheden en karakteristieken van bijvoorbeeld stroomwegen etc.

    Met vriendelijke groet,
    Ahlen

  5. Beste Ahlen,

    1 januari – 1 maart
    Kan de bron even niet terug vinden. In ieder geval telt het per 1 maart 2009 zoals onder aan het artikel aangegeven.

    Besturen onder invloed:
    Onder invloed mag je geen enkel voertuig besturen, dus ook geen fiets. Krijg je rijdend op de fiets een rijverbod, dan geldt dit uiteraard ook voor het besturen van een willekeurig motorrijtuig gedurende de ‘ontnuchteringsperiode’. Bij een ontzegging van de rijbevoegdheid, geldt dit voor een motorrijtuig en niet voor de fiets. Voor meer uitgebreide informatie kun je eventueel op de volgende site van het ministerie van verkeer en waterstaat terecht:

    http://www.postbus51.nl/nl/home/themas/verkeer-voertuigen-en-wegen/verkeersregels/verkeersovertredingen/kan-mijn-rijbewijs-ingevorderd-worden-als-ik-dronken-op-de-fiets-word-aangehouden.html

    of op deze site van de politie:

    http://www.infopolitie.nl/index.php?option=com_sectionex&view=category&id=6&Itemid=31#catid143

    Mens, weg, voertuig:
    De belangrijkste oorzaak bij het ontstaan van ongelukken is de mens. Je moet dan denken aan zaken als vermoeidheid, onachtzaamheid, telefoneren, drugs, alcohol, stress, fouten van anderen enz.
    Bij de weg ligt dit bv. aan zaken als aquaplanning, slechte wegomstandigheden, weersomstandigheden e.d. Alhoewel de scheiding hierbij lastig is als je er vanuit gaat dat je als mens vroegtijdig signalen moet oppakken en hier vroegtijdig adequaat om moet reageren.
    Voertuig: technische/mechanische problemen die maken dat je het voertuig niet meer voldoende onder controle hebt.

    Hoop dat je hier wat aan hebt.

    Mvg – Sjaak

  6. Beste Sjaak,

    -Ik vroeg me af of de hierboven aangegeven aanvullingen, die per 1 januari 2009 ingaan eigenlijk niet 1 maart 2009 moeten zijn? In verband met vernieuwde theorie examen?

    Verder heb ik ook een vraag over het volgende:

    -Wat zijn de consequenties van een rijverbod wegens het gebruik van alcohol
    Verbod tot het besturen van voertuigen

    Is het niet zo dat dit geldt vanaf het moment dat de politie het verbod oplegt tot max 24 uur? Daarna (eventueel na terechstelling) zou je wel voertuigen mogen besturen zonder motor (fiets)

    – Wat is de belangrijkste oorzaak van verkeersongevallen
    Wat moet ik bij het volgende voorstellen? Mens; weg; voertuig :
    dat de mens de voornaamste oorzaak is van verkeersongevallen, gevolgd door de weg (slecht, onoverzichtelijk) en als laatste voertuig?

    Met vriendelijke groet,
    Ahlen

  7. Beste John,

    Bij een dergelijke vraagstelling moet je er vanuit gaan dat de autobussen rechts op een halte of opstapplaats staan opgesteld en dat jij links de autobussen voorbij gaat. Over het algemeen zal jij dan geen last hebben van de passagiers en zij niet van jou. Maar…..wel extra aandacht voor beweging op en rond de halte.

    Met de snelheidsregeling wordt bedoeld dat je jouw snelheid aanpast aan de verkeerssituatie. In- en uistappende passagiers e.d. vragen in deze situatie je aandacht, mede omdat je zicht deels ontnomen wordt door de autobussen. Jij kan dan niet zien wie of wat zich achter, tussen of voor de autobussen bevindt.
    Dus……….je snelheid afstemmen op de situatie.

  8. Hallo Sjaak,

    Mijn dank voor deze zeer informatieve site.
    Ik zit echter met de volgende vraag.

    Wat te doen bij het naderen van twee achter elkaar stilstaande autobussen waar passagiers instappen.

    Je moet weten: snelheidsregeling.

    Wat bedoel je met snelheidsregeling. Ik zou de passagiers gewoon in/uit laten stappen voor zover ze geen vluchtheuvel hebben.

  9. thnx,
    ik had nog een vraag
    (apk) is dat nu al veranderd in de theorie examen?
    en zo ja wat is het nu dan
    4-2-2 zag ik ergens maar ik weet niet meer waar
    voor benzine en diesel?
    alvast bedankt..

  10. Beste Koutar,

    Het voorraam links naast je is het meest logische voor de bestuurder, maar mede afhankelijk van de wijze waarop je te water geraakt.
    Er wordt beweerd dat links boven je hoofd in de hemel van de auto het beste zou zijn. Ik zelf zou zeggen: zo logisch en goed mogelijk voor het grijpen, danwel in het zicht. Het gaat er om dat je in een panieksituatie zo snel mogelijk kunt handelen, daarbij eventueel rekening houdend met een airbag die zich opblaast. Beter zou het dus zijn -er van uit gaand dat je passagiers vervoert- meerdere life-hammers in de auto aan te brengen. (minimaal twee; één voor en één achter)
    Een N-weg is een nationale weg; dus een weg van A naar B binnen Nerderland. Dit in tegenstelling tot een E-weg, welke je verder in Europa voert.

    Mvg – Sjaak

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.